Werkprincipes van de ambtenaar 2.0This is a featured page


Van collega's bij ministeries, gemeenten, provincies en waterschappen krijg ik regelmatig de reactie dat ze weliswaar het boek hebben gelezen, maar niet zo goed weten waar ze nu moeten beginnen. "Ik wil wel, maar mijn omgeving is nog niet 2.0." Als je collega's hebt die ook al zo werken, dan is het een stuk makkelijker natuurlijk. Maar het is geen voorwaarde. Het moet ergens beginnen en dat kan net zo goed bij jou zijn. Om je op weg te helpen heb ik tien "werkprincipes voor de ambtenaar 2.0" opgesteld. Dus: hoe werkt een ambtenaar 2.0?
Wil je de werkprincipes printen
voor verspreiding in je organisatie?

Klik hier!



A. Procedure


Deze werkprincipes zijn gebaseerd op mijn eigen ervaringen en op de kenmerken en trends van web 2.0. Maar het opstellen van deze principes is ook een interactief proces. Ik heb al heel wat nuttige reacties en aanvullingen mogen ontvangen. Hoe verloopt dat?

  1. Elk werkprincipe is apart voorgelegd via Twitter in de loop van een dag. De reacties zijn gebruikt om de reeds gepubliceerde principes aan te passen en daarnaast als inbreng voor de principes die later nog volgden;
  2. Alle commentaren via Twitter zijn uiteindelijk verzameld in een mindmap. Die was open en is aangevuld en bijgewerkt door diverse mensen. Een groot aantal bijdragen zijn meegenomen, aan de bijdragen die niet zijn meegenomen heb ik over het algemeen een uitleg toegevoegd;
  3. Op basis van de bijdragen is deze wiki opgezet. De principes zijn aangescherpt (zie hieronder), onderin is een mogelijkheid om de uitlegteksten bij de principes aan te vullen;
  4. Met de zinnen en woorden die onder de principes staan heb ik uitlegteksten toegevoegd aan de werkprincipes. Die staan er nu bij, met de bijdragen van anderen er nog onder;
  5. Bij C is het voorlopige resultaat te lezen, onder elkaar. Er zijn ideeën om voorbeelden toe te voegen, maar die zal ik proberen te verzamelen via het blog;
  6. Donderdag 23 juli wordt het gepubliceerd op Ambtenaar 2.0, tot die tijd kunnen nog wijzigingen worden doorgevoerd.

Het vijfde principe ter harte nemend heb ik het idee dat de werkprincipes nog wat te complex geformuleerd zijn. Het moet scherper, uitleg komt daaronder wel.


Eerste versie Tweede versie
1. Open werken is een voorwaarde voor anderen om bij te kunnen dragen. 1. Wees zichtbaar.
2. Grenzen bestaan niet, die kies je. 2. Kies je eigen grenzen.
3. Doe niets alleen, maar maak mogelijk dat anderen met je mee kunnen doen. 3. Zorg dat anderen mee kunnen doen.
4. Iets is nooit klaar, maar het bestaat al vanaf het moment dat je begint. 4. Het proces is je product.
5. Het kan altijd nog duidelijker en nog simpeler. 5. Het kan altijd nog duidelijker en nog simpeler.
6. Al het grote bestaat uit heel veel kleine delen. 6. Al het grote bestaat uit heel veel kleine delen.
7. Het leven is altijd en overal, zorg dat je erbij bent. 7. Het leven is altijd en overal.
8. Neem initiatief. Vraag liever vergiffenis achteraf dan toestemming vooraf. 8. Neem initiatief.
9. Denk in oplossingen, niet in problemen. Richt je op wat je wil bereiken. 9. Ga voor oplossingen en resultaten
10. Werk is persoonlijk. Reageer als je wordt aangesproken en wees open, eerlijk en jezelf. 10. Werk is persoonlijk.


B. De werkprincipes en bijbehorende uitlegteksten


Hieronder staan de aangescherpte principes, maar puntsgewijs de aspecten die in de uitlegtekst behandeld moeten worden. Vul gerust aan.

1. Wees zichtbaar.


Open werken is een voorwaarde voor anderen om bij te kunnen dragen. Maak dus zichtbaar waar je mee bezig bent. Bijdragen kunnen immers uit onverwachte hoek komen.
Open werken leidt tot vertrouwen en betrokkenheid, het maakt verbindingen mogelijk. Op die manier neem je mensen mee in je proces, zodat ze zich aan kunnen sluiten. Het maakt je ook beter vindbaar op internet, waardoor je je impact kunt verbreden. Het begint bij openheid.


  • Open werken is een voorwaarde voor anderen om bij te kunnen dragen.
  • Bijdragen kunnen uit onverwachte hoek komen.
  • Transparancy is the new objectivity;
  • Openheid maakt vindbaar (Google);
  • Open werken voorkomt dubbele agenda's;
  • Wees niet bang om je kennis te delen. Ga niet op je ideeën zitten. Een idee op zich is niet zoveel waard, het gaat erom wat ermee gedaan wordt. Een idee dat aansluiting vindt, is als een visitekaartje voor jou. De feedback die je krijgt, genereert weer nieuwe ideeën.

2. Bepaal je eigen grenzen.


Grenzen bestaan niet, die kies je. Ga niet uit van organisaties, dossiers of functieomschrijvingen, maar van mensen, thema's en netwerken. Focus op het onderwerp en zoek daar de juiste mensen bij. Kijk door de structuren heen en gebruik wat je nodig hebt om je doel te bereiken. Vergeet daarbij niet om je eigen grenzen te bepalen: je rol, taak en doel. Wees daar realistisch in. Richt je op waar je meerwaarde en kracht ligt en laat anderen de rest invullen.

  • Grenzen bestaan niet, die kies je. Veel van de grenzen die je beleeft bestaan alleen in je hoofd en zijn gebaseerd op assumptions & beliefs. Challenge the latent assumptions & beliefs that guide your behavior en kom er achter dat je meer ruimte hebt dan je denkt!
  • Niet in documenten, dossiers of organisaties denken, maar in mensen, netwerken, informatie, ervaringen, vaardigheden.
  • Structuren zijn een middel, geen doel.
  • Kies je eigen organisatie / afdeling / virtuele team
  • Weet ook wat je grenzen zijn, wat je rol is. Realistisch;
  • Focus op meerwaarde en leg daar je grens omheen;
  • Do what you do best and link to the rest;
  • Organiseer rondom een thema, de uitdaging, daar ligt de focus, dat is het doel;

3. Zorg dat anderen mee kunnen doen.


Doe niets alleen, maar maak mogelijk dat anderen een bijdrage kunnen leveren. In je netwerk zitten kennis, ideeën en energie waar je gebruik van kunt maken. Die bijdrage kan groot of klein zijn en in allerlei vormen komen. Wat voor de ene persoon een kleine bijdrage is kan voor een ander van cruciaal belang zijn. Daar moet je niet alleen voor open staan, dat moet je ondersteunen. Wat voor platform of middelen moet je bieden om anderen te kunnen laten bijdragen? Van dat proces ben jij de facilitator.

  • Doe niets alleen, maar maak mogelijk dat anderen met je mee kunnen doen.
  • Netwerken is ook werken.
  • Organiseer je werk zo dat anderen een bijdrage kunnen leveren als ze dat willen.
  • Sta open voor een ieder om mee te doen.
  • Durf anderen te vragen om te helpen, iedereen helpt iemand graag wanneer het je relatief weinig moeite kost en de ander veel oplevert.
  • Geef anderen vertrouwen en durf kritiek te ontvangen
  • Faciliteren en ondersteunen van anderen is een taak, misschien zelfs voltijds;
  • Als anderen het voor jou kunnen doen, maak dat dan mogelijk (ook: Do what you do best and link to the rest);

4. Het proces is je product.


Niets is ooit klaar, maar het bestaat al vanaf het moment dat je begint. En vanaf dat moment begint dus ook je werk: maak het zichtbaar en betrek anderen. Zelfs een eerste idee kan het begin zijn van een groter proces. Daarna kan het groeien en steeds verder verbeterd worden tot een volwaardig product. Maar het kan altijd nog beter. Zorg er dus voor dat je werk verder aangepast en verbeterd kan worden. De wereld eromheen is immers continu in ontwikkeling.

  • Perpetual beta
  • Alles is continu in ontwikkeling.
  • Wees niet bang om te beginnen met een half concept; door vroeger te beginnen kan je makkelijker input van anderen verwerken.
  • Gewoon doen.
  • Denk altijd verder, er is geen eindstation.
  • Zelfs een eerste idee kan het begin zijn van een proces;
  • Meerdere probeersels, je weet toch niet wat wel of niet gaat slagen;
  • Denk in vragen, niet in antwoorden.
  • Het gaat niet om je werk maar om je werking. Het proces is vaak belangrijker, leerzamer en effectiever dan het specifieke eindresultaat.
  • het proces gaat voor het resultaat' - 'het kan altijd anders of beter' - 'weet dat het altijd anders kan, en soms ook beter'

5. Het kan altijd nog duidelijker en nog simpeler.


Maak je werk toegankelijk en laagdrempelig, zodat anderen er gebruik van kunnen maken en mee kunnen doen. Neem ze bij de hand en leidt ze met kleine stapjes naar binnen. Hoe minder drempels, hoe meer mensen je kunt betrekken. Kijk door de bril van je doelgroep en maak het voor hen zo makkelijk mogelijk. Duidelijkheid levert ook tijd op: vraag door: maak helder, communiceer precies en relevant en maak duidelijk wat de mogelijkheden en jouw verwachtingen zijn.

  • Denk er nog een keer over na!
  • Het kan altijd slimmer en beter.
  • Laagdrempelig, zodat anderen er gebruik van kunnen maken, kunnen meedoen, etc.
  • Neem mensen bij de hand
  • Met kleine stapjes naar binnen leiden;
  • Duidelijkheid levert tijd op: vraag door, maak helder, communiceer precies en relevant;

6. Al het grote bestaat uit heel veel kleine delen.


Denk groot, maar werk klein. Alleen met veel kleine stappen kun je je doel bereiken. Frapper toujours! Maar incrementeel werken maakt je ook flexibel, zodat je je koers kunt aanpassen naar aanleiding van nieuwe ontwikkelingen. En door kleine delen zichtbaar te maken worden ze behapbaar voor anderen om op te pakken. Je bereikt niks door alles in te zetten op één grote klap. Elk steentje dat wordt bijgedragen is een deel van het gebouw.

  • Denk groot, begin klein.
  • Werk incrementeel in plaats van met grote stappen.
  • Maak de kleine delen zichtbaar, zodat anderen met een kleine bijdrage op het eigen expertisegebied kunnen meedoen aan het grote geheel.
  • Al het grote bestaat uit de som van de kleine(re) delen.
  • Ook al ben je nog met zo'n klein onderdeel bezig, vergeet niet het grote geheel.
  • Frapper toujours, herhalen en herhalen;
  • Denk niet dat je iets kunt bereiken met één grote klap, bouw gestaag verder;

7. Het leven is altijd en overal.


Op internet is geen tijd of plaats. Virtueel kun je dus ook altijd en overal zijn. Zorg dat je daar bent waar het gebeurt, waar de mensen zijn. Door de online samenleving van een afstand te bekijken zie je hoe de paadjes lopen, waar de dynamiek zit. Kijk door de chaos heen en zie patronen. Zo kun je aansluiten op de ontwikkelingen. En die gaan steeds sneller. Als je daarin een rol wil blijven vervullen, dan moet je mee in dat tempo. Sneller is beter dus!

  • Snel is beter dan langzaam.
  • Presence, wees erbij.
  • Durf te laten zien dat je er bent.
  • Steeds meer en sneller veranderende wereld, aansluiten;
  • Zorg dat je daar bent waar de mensen zijn;
  • Zie hoe de paadjes gaan lopen;
  • Kijk door de chaos heen en zie patronen;
  • Raak niet gefrustreerd als je iets niet begrijpt

8. Neem initiatief.


Heb je een idee, ga ermee aan de slag. Wacht niet teveel op anderen om iets te ondernemen, maar betrek ze er wel bij. Door initiatief te nemen bepaal je het speelveld. Anderen kunnen zich dan later bij je voegen. Gebruik je creativiteit, experimenteer en leer ervan. Alleen door het te doen kun je leren. Dat vraagt om ondernemerschap: de wil om iets te bereiken, om de overheid en het werk van de overheid een beetje beter te maken. Dat begint bij jezelf!

  • Vraag liever vergiffenis achteraf dan toestemming vooraf.
  • Wees proactief, ga aan de slag;
  • Laat ook projecten zien die fout gingen en vertel wat je geleerd hebt. Zo inspireer je anderen. Je leert het meeste van je fouten ipv je successen.
  • Denk meer als een ondernemer.
  • Creativiteit.
  • Experimenteer en leer;
  • Een betere wereld begint bij jezelf.
  • Wacht niet op anderen om iets te ondernemen, maar betrek ze er wel bij;
  • De initiatiefnemer bepaalt het speelveld, aanval is beste verdediging;
  • The world is your playground. De overheid als je professionele speeltuin.

9. Ga voor oplossingen en resultaten


Wees positief, zie kansen. Er zijn meer mogelijkheden dan je denkt, maar je moet het wel organiseren. Hou je ogen open voor risico's en belemmeringen, maar neem oplossingen als uitgangspunt en zoek de weg daarnaartoe. Uiteindelijk gaat het niet om je werk maar om de werking die je hebt, concreet en praktisch. Zorg ervoor dat je stappen maakt en dingen bereikt. Pas dan is het resultaat van je werk bruikbaar en hebben anderen er iets aan.

  • Richt je op wat je wil bereiken.
  • Geen ja-maar cultuur.
  • Het gaat niet om je werk maar om je werking.
  • Onderneem acties om die oplossingen te realiseren.
  • Wees positief, zie kansen.
  • Mensen die je aanspreken zijn in ieder geval betrokken, vergeet dat niet!
  • Ook uit kritiek en commentaar kun je leren.
  • Maak dingen af, zet de stap.

10. Werk is persoonlijk.


Ook de overheid is mensenwerk, laat zien dat er een mens zit achter je functie. Reageer als je wordt aangesproken en wees open, eerlijk en jezelf. Sociale omgangsvormen zijn ook in je functie en op internet van toepassing. Neem je persoonlijkheid dus mee naar je werk, want daarin zit je kracht. Maak gebruik van je capaciteiten, je betrokkenheid, je inzet en je netwerk en wees daar uniek in. Werk vanuit je persoonlijke motivatie, maar vergeet niet af en toe te relativeren!

  • Reageer als je wordt aangesproken en wees open, eerlijk en jezelf.
  • Wees zichtbaar, transparant, eerlijk en authentiek.
  • Wees uniek, personal branding.
  • Wat is je persoonlijke drive? Ga uit van je eigen mogelijkheden, capaciteitein;
  • Blijf ook relativeren;
  • Jouw werk als ambtenaar is voor iemand anders veel meer dan werk;
  • Weet waarover je praat
  • Neem je persoonlijkheid mee naar je werk en neem jezelf niet altijd even serieus. Werken mag ook leuk zijn! (zelfs bij de overheid)


C. Voorstel voor de tien werkprincipes van de ambtenaar 2.0



1. Wees open en zichtbaar.

Open werken is een voorwaarde voor anderen om bij te kunnen dragen. Maak dus zichtbaar waar je mee bezig bent. Bijdragen kunnen immers uit onverwachte hoek komen. Open werken leidt tot vertrouwen en betrokkenheid, het maakt verbindingen mogelijk. Op die manier neem je mensen mee in je proces, zodat ze zich aan kunnen sluiten. Het maakt je ook beter vindbaar op internet, waardoor je je impact kunt verbreden. Het begint bij openheid.

2. Bepaal je eigen grenzen.

Grenzen bestaan niet, die kies je. Ga niet uit van organisaties, dossiers of functieomschrijvingen, maar van mensen, thema's en netwerken. Focus op het onderwerp en zoek daar de juiste mensen bij. Kijk door de structuren heen en gebruik wat je nodig hebt om je doel te bereiken. Vergeet daarbij niet om je eigen grenzen te bepalen: je rol, taak en doel. Wees daar realistisch in. Richt je op waar je meerwaarde en kracht ligt en laat anderen de rest invullen.

3. Zorg dat anderen mee kunnen doen.

Doe niets alleen, maar maak mogelijk dat anderen een bijdrage kunnen leveren. In je netwerk zitten kennis, ideeën en energie waar je gebruik van kunt maken. Die bijdrage kan groot of klein zijn en in allerlei vormen komen. Wat voor de ene persoon een kleine bijdrage is kan voor een ander van cruciaal belang zijn. Daar moet je niet alleen voor open staan, dat moet je ondersteunen. Wat voor platform of middelen moet je bieden om anderen te kunnen laten bijdragen? Van dat proces ben jij de facilitator.

4. Het proces is je product.

Niets is ooit klaar, maar het bestaat al vanaf het moment dat je begint. En vanaf dat moment begint dus ook je werk: maak het zichtbaar en betrek anderen. Zelfs een eerste idee kan het begin zijn van een groter proces. Daarna kan het groeien en steeds verder verbeterd worden tot een volwaardig product. Maar het kan altijd nog beter. Zorg er dus voor dat je werk verder aangepast en verbeterd kan worden. De wereld eromheen is immers continu in ontwikkeling.

5. Het kan altijd nog duidelijker en nog simpeler.

Maak je werk toegankelijk en laagdrempelig, zodat anderen er gebruik van kunnen maken en mee kunnen doen. Neem ze bij de hand en leidt ze met kleine stapjes naar binnen. Hoe minder drempels, hoe meer mensen je kunt betrekken. Kijk door de bril van je doelgroep en maak het voor hen zo makkelijk mogelijk. Duidelijkheid levert ook tijd op: vraag door: maak helder, communiceer precies en relevant en maak duidelijk wat de mogelijkheden en jouw verwachtingen zijn.

6. Al het grote bestaat uit heel veel kleine delen.

Denk groot, maar werk klein. Alleen met veel kleine stappen kun je je doel bereiken. Frapper toujours! Maar incrementeel werken maakt je ook flexibel, zodat je je koers kunt aanpassen naar aanleiding van nieuwe ontwikkelingen. En door kleine delen zichtbaar te maken worden ze behapbaar voor anderen om op te pakken. Je bereikt niks door alles in te zetten op één grote klap. Elk steentje dat wordt bijgedragen is een deel van het gebouw.

7. Het leven is altijd en overal.

Op internet is geen tijd of plaats. Virtueel kun je dus ook altijd en overal zijn. Zorg dat je daar bent waar het gebeurt, waar de mensen zijn. Door de online samenleving van een afstand te bekijken zie je hoe de paadjes lopen, waar de dynamiek zit. Kijk door de chaos heen en zie patronen. Zo kun je aansluiten op de ontwikkelingen. En die gaan steeds sneller. Als je daarin een rol wil blijven vervullen, dan moet je mee in dat tempo. Sneller is beter dus!

8. Neem initiatief.

Heb je een idee, ga ermee aan de slag. Wacht niet teveel op anderen om iets te ondernemen, maar betrek ze er wel bij. Door initiatief te nemen bepaal je het speelveld. Anderen kunnen zich dan later bij je voegen. Gebruik je creativiteit, experimenteer en leer ervan. Alleen door het te doen kun je leren. Dat vraagt om ondernemerschap: de wil om iets te bereiken, om de overheid en het werk van de overheid een beetje beter te maken. Dat begint bij jezelf!


9. Ga voor oplossingen en resultaten

Wees positief, zie kansen. Er zijn meer mogelijkheden dan je denkt, maar je moet het wel organiseren. Hou je ogen open voor risico's en belemmeringen, maar neem oplossingen als uitgangspunt en zoek de weg daarnaartoe. Uiteindelijk gaat het niet om je werk maar om de werking die je hebt, concreet en praktisch. Zorg ervoor dat je stappen maakt en dingen bereikt. Pas dan is het resultaat van je werk bruikbaar en hebben anderen er iets aan.

10. Werk is persoonlijk.

Ook de overheid is mensenwerk, laat zien dat er een mens zit achter je functie. Reageer als je wordt aangesproken en wees open, eerlijk en jezelf. Sociale omgangsvormen zijn ook in je functie en op internet van toepassing. Neem je persoonlijkheid dus mee naar je werk, want daarin zit je kracht. Maak gebruik van je capaciteiten, je betrokkenheid, je inzet en je netwerk en wees daar uniek in. Werk vanuit je persoonlijke motivatie, maar vergeet niet af en toe te relativeren!






idavied
idavied
Latest page update: made by idavied , Aug 4 2009, 4:02 AM EDT (about this update About This Update idavied Moved from: Projecten - idavied

No content added or deleted.

- complete history)
Keyword tags: None
More Info: links to this page
There are no threads for this page.  Be the first to start a new thread.